Het jaar waarin narcisme het grootste verdienmodel werd

Er zijn jaren waarin je achteraf zegt: toen kantelde het.
2025 voelde af en toe als zo’n jaar. Of misschien beter gezegd: als een jaar waarin je de kanteling wílde zien. Je voelde hem in je maag. Je hoopte erop na het lezen van de krant. Of na het kijken naar weer een Trump-persconferentie.
Toch kantelde er iets: terwijl de wereld ontspoorde stopten we te doen alsof we het niet zagen. Dat is een begin.
Narcisme was in 2025 geen modediagnose meer, geen psychologisch etiket uit vrouwenbladen of zelfhulpblogs, maar een businessmodel. Voor leiders die slecht besturen, maar uitstekend lucht en leugens verkopen.
Het was het jaar waarin leiders niet langer afgerekend werden op wat ze deden, maar hun zakken vulden met wat ze opriepen. Woede. Angst. Verdriet. Loyaliteit. Macht en Onmacht. Wie het hardst riep, kreeg het meeste bereik. Wie polariseerde, monetiseerde.
De rest werd bijzaak: de doden, de landlozen, de kinderen, de natuur. De prijs van dit verdienmodel is hoger dan onze gezonde breinen en zielen aankunnen. De mens en wereld als brandstof, om enkele allesverwoestende ego’s vooruit te laten denderen.
Narcisme werd lang gezien als iets individueels. Een vervelende eigenschap. Energietrekkers en gaslighters. Wie kent nou niet een of meerdere narcisten tegenwoordig? Een psychologisch probleem. Er zijn honderden zelfhulpboeken en -platforms online over narcisme. De meeste adviezen voor partners en familie van narcisten is: niet proberen te managen, maar gewoon vermijden. Rennen als het kan. Ik had er eerder al lange gesprekken over. Zelfs met A.I., wat op zichzelf ook weer iets zegt over deze tijd.
In 2025 werd mij pijnlijk duidelijk dat narcisme geen veelvoorkomende karakterfout is, maar een systeem. Een structuur. Een logica die zichzelf voedt.
Als businessmodel — zoals Trump zijn rol invult — werkt het zelfs opvallend efficiënt:
- creëer een permanent vijandbeeld
- positioneer jezelf als slachtoffer
- eis loyaliteit in plaats van tegenspraak
- verklaar kritiek tot aanval
- verwissel waarheid voor emotie
En herhaal.
Wie dat consequent doet, hoeft niets op te lossen.
Crisis is geen probleem. Crisis is het product.
De meeste wereldleiders die in 2025 overeind bleven, waren incompetente narcisten. Performers. Ze spraken in slogans, niet in plannen. In beschuldigingen, niet in analyses. Ze boden geen oplossingen, maar verhalen waarin hun boze en zorgvuldig dom gehouden achterban zichzelf herkende.
Het succes zat niet in beleid, maar in herkenbaarheid. “Ik voel me ook verraden.”
“Ze pakken ons alles af.” Misschien het meest lucratieve onderdeel – het echte kapitaal – van dit narcistische verdienmodel: slachtofferschap. Hoe machtiger de leider, hoe harder hij beweerde vervolgd te worden. Rechters werden vijanden. Journalisten leugenaars. Wetenschappers elitaire bedriegers. Vrouwen lastig. Minderheden verdacht. Democratische instituties corrupt.
Elke correctie werd bewijs van onderdrukking. Elke vraag bevestigde de samenzwering. Het leverde geld op. Donaties. Abonnementen. Merchandise. Aandelen. Clicks. Olie. En bovenal: onvoorwaardelijke trouw van angstige en boze aanhangers en een paar elftallen collega-narcisten.
In 2025 was loyaliteit waardevoller dan waarheid. Wie twijfelde of nuance aanbracht, werd verdacht. Wie vragen stelde, was ‘tegen’. Instituten — ooit bedoeld als tegenmacht — werden weggezet als obstakels. Niet weerlegd, maar gediskwalificeerd. Narcistische systemen zijn niet geïnteresseerd in gelijk, maar in bevestiging. Wie bevestigt, mag blijven. Wie corrigeert, ligt eruit.
Paradijs en hel
Zelf trek ik me parttime terug in een bos. In Spanje. In een off-grid bestaan waar we hout sprokkelen voor de winter, water sparen en plannen maken om samen oud te worden — wat we, eerlijk is eerlijk, al bijna een beetje zijn.
Vandaag stond ik sprokkelhout te verzamelen achter het huis. Mijn voeten op de zachte deken van dennennaalden. De aarde vers omgewoeld door wilde zwijnen. De lage winterzon die even deed alsof de lente al begonnen was. Geen wereld op mijn schouders. Geen oranje man in mijn oor. Geen bommen, geen breaking news.
Wel jagers, verderop. Blaffende honden. Grote geweren. Ik realiseerde me dat ik camouflagekleuren droeg. Niet handig, midden in het jachtseizoen. Met een kloppend hart ben ik in een drafje naar huis gegaan.
Ook in het paradijs wordt geschoten. Wilde zwijnen laten ze met rust, want konijnen zijn gemakkelijker meenemen. Maar dat is nog wel te behappen, zolang ik niet in legergroen hout ga sprokkelen dus.
Binnen was het veilig. De haard aan. Mijn lief zette The Ubiquitous Mr Lovegrove van Dead Can Dance op. Een nummer over macht, verleiding en leegte. Toepasselijker werd het niet.
Met Spaanse buren en Nederlandse vrienden praten we hier zelden over Trump. Terwijl we op lange lunches en buurtetentjes moeiteloos acht uur praten, lachen, eten, drinken. Die lichtheid. Dat eenvoudige er zijn. Ik ervaar het als rijkdom.
En toch.
Ik woon op een plek die verdacht veel op een paradijs lijkt. Elke ochtend, nog vóór ik een stap buiten zet, neem ik kort een duik in de hel. Via een telefoonscherm.
Misschien is de meest radicale daad in 2026 wel: simpelweg niet meer verschijnen als toeschouwer?
Wat zou Trump zijn zonder het wereldpubliek?
Een sneue, schreeuwende, oranjekleurige, domme malloot.
En wat zou ik zijn zonder hem, zonder die dagelijkse dosis wereldverval?
Gewoon mezelf. Best leuk, maar dan wat lichter.
In een bos dat ademt en in een wereld die nog steeds stuk is, maar niet elke ochtend als eerste aan tafel zit.
Nou maar hopen dat ik vannacht, na het doorslikken van die twaalf druiven en een drankje, nog weet hoe ik mijn nieuwsgierigheid naar de teloorgang van de wereld kan bedwingen.
ps. 1 januari. Ik heb gezondigd en las alle online krantenkoppen. Ik wens jullie een bijzonder liefdevol, mooi, zacht en Trumploos nieuw jaar!
English version
2025
The Year Narcissism Became the Most Profitable Business Model
There are years which, in hindsight, acquire a particular clarity. That, we later say, was the turning point.
2025 felt like such a year. Or perhaps more accurately: a year in which we desperately wanted to see the turn. You felt it in your gut. You hoped for it after reading the morning paper. Or after watching yet another Trump press appearance, in which little was said and much was shouted.
Not because the world suddenly lost its balance — that had happened earlier — but because it became increasingly difficult to deny what was already visible. Narcissism was no longer a fashionable diagnosis or a psychological label borrowed from self-help culture. It had matured into a business model. Particularly effective for leaders who govern badly, yet sell lies and emptiness with remarkable skill.
It was the year leaders were no longer judged by what they did, but by what they provoked. Anger. Fear. Grief. Loyalty. Powerlessness. And above all: attention.
The loudest voices reached the furthest.
Those who polarised, monetised.
Everything else slipped into the margins: the dead, the displaced, the children, the natural world. The cost of this model exceeds what healthy minds and souls can reasonably absorb. Human beings reduced to fuel, keeping oversized egos in motion.
For a long time, narcissism was framed as an individual flaw. An unpleasant personality trait. Something to be managed, treated, or avoided. I had explored it before — even in extended conversations with artificial intelligence, which in itself says something about the age we inhabit.
By 2025, however, it became clear that narcissism is not merely a personal defect. It is a system. A structure. A self-sustaining logic.
As a business model — as exemplified by Trump — it operates with unsettling efficiency:
create a permanent enemy; position yourself as the victim; demand loyalty instead of dissent; reframe criticism as attack; replace truth with emotion. Repeat.
Those who master this cycle need not solve anything. Crisis is not a problem to be fixed. Crisis is the product.
The leaders who survived 2025 were rarely competent administrators. They were performers. Outraged clowns. They spoke in slogans rather than policies, in accusations rather than analysis. They offered no solutions, only narratives in which their angry — and carefully under-educated — followers could recognise themselves.
Perhaps the most profitable element of this model is victimhood. The more powerful the leader, the more insistently they claimed persecution. Judges became enemies. Journalists liars. Scientists elitists. Democratic institutions corrupt.
Corrections became proof of oppression.
Questions confirmed the conspiracy.
It generated money. Donations. Subscriptions. Merchandise. Shares. Clicks. Above all: unwavering loyalty.
And yet.
Part of me has retreated into a forest in Spain. An off-grid life where we collect firewood, conserve water and make plans to grow old together — which, in truth, we already are.
Today I gathered wood behind the house. My feet sank into leaves and pine needles. Wild boar had recently turned the soil. The low winter sun briefly suggested spring. No world on my shoulders. No orange man shouting in my ear. There were hunters, further away. Dogs barking. Rifles echoing. I realised I was dressed in camouflage. Not ideal. I hurried home.
Inside, it was warm. A fire. The Ubiquitous Mr Lovegrove playing softly. A song about power, seduction and emptiness.
Here, with Spanish neighbours and Dutch friends, we rarely speak of Trump. We talk for hours instead. We eat. We laugh. We exist. I experience it as wealth. And yet each morning, before stepping outside, I briefly visit hell. Through a screen.
Perhaps the most radical act of 2026 will be not to show up as public. Kill my curiosity by swallowing 12 grapes at midnight.
Postscript — 1 January.
I sinned and read all the online headlines.
I wish you a year that is generous with love, gentle in tone, quietly beautiful — and, if at all possible, Trump-free.
Plaats een reactie